Maandelijks archief: april 2016

Filmpje: Chen-stijl Yi Lu

Na bijna anderhalf jaar geblesseerd geweest te zijn aan mijn rug mis ik nog wat power, maar in ieder geval kan ik weer oefenen. Met dank aan Armand van Middendorp voor de opname en aan Peter en Suze voor gebruik van de oefenruimte van ’t Syndicaat.

ik

Advertenties
Getagged , , ,

There’s one to rule them all

Wij worden beheersd en gecontroleerd door vier ‘spoken’. De eerste heet Denken, de tweede Emoties, de derde heet Voelen en de vierde is Lichaam.

Het eerste spook

Denken maakt dat we overrationaliseren. We zijn vergeten dat het slechts een gereedschap dient te zijn, en in de huidige maatschappij wordt teveel getheoretiseerd en te weinig empirisch gehandeld. Zelfs onze wetenschap, die moderne religie, gaat uit van het bewijzen van een theorie in plaats van kijken naar wat er gebeurt. Stel dat de Aarde een tik krijgt en daardoor een uur sneller gaat draaien per dag, dan is de wetenschap in staat om te zeggen dat de Aarde verkeerd draait want op het machientje dat ‘horloge’ heet valt de meting ineens anders uit: een theorie -tijdsmeting- is tot een waarheid gemaakt die boven de feitelijke waarheid uitstijgt.

Vroeger, toen ik een ventje van een jaar of vijftien, zestien was nam meneer Tan, mijn Tit Khun-leraar, me een keer apart. Ik was gefrustreerd aan het raken door de -in mijn ogen- geringe vooruitgang die ik boekte in mijn oefening en dat was hem blijkbaar opgevallen. “Je denkt teveel” adviseerde hij, maar merkte tegelijkertijd dat ik daar niet zoveel mee kon. Dus begon hij opnieuw, ditmaal vanuit een andere invalshoek. 

Nu was in die tijd Discovery Channel net nieuw op de tv (zo lang is dit alweer geleden) en nog voornamelijk gevuld met natuurfilms, iets wat ook tijdens de training regelmatig ter sprake kwam. Wij, leerlingen, waren erg onder de indruk van de macht, pracht en kracht van de dieren die getoond werden, en hadden het er vaak over. 

“Weet jij”, vroeg meneer Tan, “hoe een tijger zijn prooi vangt?” Dat wist ik wel, en ik vertelde hoe een tijger zijn klauwen om zijn prooi sloeg en vervolgens de coup de grace uitdeelde met zijn tanden. Want dat had ik op tv gezien. “Hoe kan hij dat dan?” Vroeg meneer Tan, semi-onnozel. Ik antwoordde dat de klauwen van een tijger net waren als die van een kat, met nagels die er uit konden schieten als hij ze nodig had.

“Oh” zei meneer Tan, en hij frunnikte nadenkend aan zijn kin. “En als die tijger gewoon over de rotsen loopt, wat doet hij dán met die nagels?”

“Dan trekt hij ze in”.

“Precies!” Meneer Tan priemde triomfantelijk met zijn wijsvinger naar mijn neus. “Jij bent net als een tijger die rondloopt met voortdurend zijn nagels uit. Als een tijger dat te vaak doet slijten die nagels en kan hij zijn eten niet meer vangen”. Hij legde uit: “Denken is net zoiets: je moet het gebruiken als je het nodig hebt. Wanneer je het níet nodig hebt, laat het dan voor wat het is, maak het niet te belangrijk. Het is maar een gereedschap”.

Het zou zeker twintig jaar duren voor ik doorhad wat hij bedoelde maar het was, en is nog steeds, een wijze les: je bent je denken niet, het is maar een gereedschap. Laat het de boel niet overstemmen

Het tweede spook

Ergens ver in het verleden, misschien al sinds de tijd van Abélard en Héloïse, zijn wij begonnen met het idealiseren van emoties. Het is zelfs tot hoogste cultuur verheven om Emotie het meest en het vaakst de baas te laten zijn over de drie andere spoken. Als je tv kijkt gaat het alleen maar over emotiegerelateerde zaken: je hoort er niet bij (emotie) als je niet dit of dat flauwekulprodukt koopt, oh kijk toch eens hoe die beroemdheid verliefd is (emotie) op die andere, stem op mij want als je op die ander stemt dan ben je geen oké persoon (emotie), kijk eens hoe zielig (emotie) de mensjes zijn in deze documentaire … Ik heb dus geen tv meer want het gaat werkelijk nergens over, er wordt alleen maar ingespeeld op Emotie. 

Als je ergens rationeel op reageert dan klopt er blijkbaar iets niet aan je: blijkbaar is zelfs het Denken-spook ondergeschikt gemaakt aan Emotie. Je moet en zult emotioneel zijn. En als je hoort zeggen “denk toch eens na, je weet toch dat je het anders moet doen?” Dan wordt er niet bedoeld dat je daadwerkelijk na moet gaan denken: nee, het is een inspelen op de emotie van een schouderklopje willen krijgen van de spreker. Meer niet. Onze wereld is stuk omdat wij emotie de baas hebben laten worden met lieden rondom ons die daar -of het de wereld nou schaadt of niet- handig gebruik van maken. Door te zèggen dat we na moeten denken (maar zonder dat te hard te menen).

Het derde spook

Als Emotie de keizer is met al zijn pracht en praal en zijn ‘als je niet doet of je me leuk vindt hak ik je hoofd af’ dan is Denken zijn eerste minister, en Voelen ‘het volk’: ondergewaardeerd door de elite, ge- danwel misbruikt wanneer en hoe het uitkomt. Dit voelen is geen ‘emotioneel voelen’, het is het soort voelen dat je pas gewaar kunt worden na jaren intensieve training: de interne training van Kungfu.

Voelen wordt ons niet aangeleerd vanuit onze cultuur, en al evenmin vanuit onze scholing. Mócht je zo gelukkig zijn dat je spontaan op deze vaardigheid stuit bij jezelf krijg je al snel de hele wereld over je heen: ‘je denkt niet na’ of ‘je bent niet gezellig’.

Interne training daarentegen gaat júist over dit voelen, dit waarnemen, dit alomtegenwoordig in je lichaam aanwezig zijn. Het gaat júist over niet nadenken en niet bezig hoeven zijn met wat anderen van je denken of willen.

Veel moderne mindfulness-achtige cursussen (raar woord trouwens… had dat niet mind-emptiness moeten zijn?) die zich baseren op oude tradities halen als doel ‘gelukkig zijn’ uit die oude tradities. Laat je niet gek maken: zolang Emotie de baas is zul je nóóit gelukkig zijn want er is altijd wel iemand die meer heeft, mooier heeft, jou niet aardig genoeg vindt enzovoorts. De tradities waar uit geput wordt waren helemaal niet bezig met verzadigd zijn of met emotionele voldoening, ze waren bezig met voelen. Met bewustzijn, bewust zijn

Het vierde spook 

Het lichaam is in feite het paard van of voor de drie andere spoken. Bij ongetrainde mensen zie je hoe Emotie op het paard zit met Denken er vlak voor lopend, met de hand aan de teugel. De één is de toegang tot de ander: je praat er rationeel tegen en krijgt een emotioneel antwoord; je geeft uitleg aan de leerling hoe hij/zij iets beter kan doen en je krijgt een uitgebreid antwoord waarin de leerling zichzelf verdedigt alsof je een persoonlijke aanval hebt gepleegd.

Bij uitermate goed geoefende mensen zit juist Voelen in het zadel. Deze mensen worden niet verstoord door emotioneel gekrakeel of door te ver of diep over iets nadenken. Als Voelen in het zadel zit hoeft het paard niet te rennen omdat de berijder van het moment -Emotie of Denken- de ander voor wil blijven. Het hoeft niet naar links of naar rechts omdat iemand anders dat wil, het paard mag gewoon paard zijn.

Zo had ik -jaren geleden alweer- een gesprek met een Kungfu-meester. Hij had geen leerlingen, wilde die ook niet, maar wilde mij wel wat helpen met de vragen waar ik mee zat op het gebied van mijn interne training: ik wilde graag beter worden (‘willen’ is Emotie) in mijn interne oefening, en had al van alles gelezen aan oude teksten (‘studie’ is Denken). Eén van de zaken die ik tegenkwam was de kwestie van het celibaat: voor het behoud van je energie zou je je moeten onthouden van seks. Hij keek mij geschokt aan: hoe ik aan die onzin kwam? Dat was iets van religie, niet van interne training! Gewoon normaal doen was goed genoeg vond hij (en aan zijn interne kwaliteit viel in ieder geval niet te twijfelen). Het paard moet grazen maar nooit meer eten dan hij op kan, en niet grazen omdat Denken vindt dat het nu etenstijd is en dat een portie zus en zo groot moet zijn, of grazen omdat dat voor Emotie zo goed oogt voor de vrienden waar hij bij wil horen. Een paard eet omdat het honger heeft, rent omdat het ergens naartoe of juist vandaan moet en rust als er niks is om te moeten. Hetzelfde gold volgens hem voor seks.

In feite leerde hij mij de kern van het Daoisme: eten als je honger hebt, slapen als je moe bent. Voelen wie je bent.

De Ghostbuster

“Maar hoe doe je dat dan?” is een veelgehoorde vraag. Eigenlijk is het antwoord hierop heel simpel, en bestaat het uit twee stappen. Eén: je moet het daadwerkelijk willen. ‘Willen’ is een makkelijk gebruikt woord en zwaar in waarde gedevalueerd; hoe vaak hoor ik niet van iemand dat hij/zij echt Tai Chi wil leren, om dan, als ik een keer daarna vraag of er thuis een uurtje per dag is geoefend, aangekeken te worden alsof ik gek ben… Het woord ‘willen’ wordt erg goedkoop gebruikt. 

Mijn moeder zei altijd ‘niet kunnen is niet willen’ en oh jee wat had ik daar een berg bezwaren tegen, hoe durfde ze dat zeggen! Maar inmiddels weet ik dat ze gelijk heeft: wat onmogelijk is dat kan gewoon niet maar daarbuiten zijn zelfs onbereikbare dingen bereikbaar, zolang je maar bereid bent om de prijs ervoor te betalen. Prins Gautama wilde verlichting en verliet daar zijn gezin en harem en zijn prins-zijn voor om later de Boeddha te worden. Wil je iets zó graag? Of toch een beetje minder? Hoeveel minder dan?

Dit is het ‘willen’ waar ik het over heb. Als je door nauwgezet je interne training te doen je qi goed hebt opgebouwd en je jezelf bekwaamd hebt in wat ‘voelen’ is, dan wordt je wil sterk. En het is die wil die maakt dat Emotie -de keizer- van het paard wordt gesodemieterd en dat de macht daar komt waar die thuishoort. Bij Voelen.